“Weet je wat ik zie als ik gedronken heb…”

Slakken! Een soort haat-liefde verhouding heb ik met ze. Enerzijds zijn het enorm boeiende diertjes en anderzijds… Ken je dat liedje nog ‘Weet je wat ik zie als ik gedronken heb? Allemaal…’. ‘Allemaal beestjes’ is de originele tekst, maar voor mij is het: allemaal slakken! ‘Ze kijken door het raam en door het sleutelgat…’. Peter Koelewijn verwoordt met dit liedje treffend mijn gevoel. Want elke ochtend raap ik trouw de slakken uit mijn tuin die zich te goed doen aan mijn hosta, ridderspoor en floxen. En elke ochtend lijken nog meer slakken deze ‘Mac-Plant’ te hebben gevonden! Vanachter de klimopblaadjes van mijn schutting kijken ze mij lachend, en volgens mij ook meelijdend, aan hoe ik zwoeg op mijn tuin, zodat zij deze vervolgens kunnen opeten!

 

De slak gaat zijn gang en dat doet hij op zijn geheel eigen, flegmatieke wijze. Zijn tempo is laag maar desalniettemin weten ze hun bestemming prima te bereiken. Slakken hebben geen pootjes maar eigenlijk één grote voet. De onderzijde van hun lichaam is één grote spier, ook wel een ‘buikpotige’ genoemd (geinige term). Maar lopen blijft toch een moeizaam gebeuren en daarom maakt de slak slijm aan. Hij effent daarmee letterlijk zijn pad en glibbert op deze manier, langzaam, maar toch moeiteloos van de ene ‘snackbar’ naar de andere. Wat ik bijzonder vind, is dat slakken loop-slijm en klim-slijm hebben. Je ziet regelmatig slakken hoog tegen een boom of muur zitten, maar bedenk maar hoe je daar moet komen zonder armen en maar één voet?! Voor ze gaan klimmen in plant of boom, maken ze eerst een ander type slijm aan, het klim-slijm. Dit slijm is zo taai dat ze er niet alleen verticaal mee kunnen bewegen maar ook hun hele lichaamsgewicht eraan kan hangen, hoe gaaf is dat?! Daarnaast heeft dit kleine glibberige, niet altijd geliefde diertje, nog iets frappants… hij is interseksueel. Dat betekent dat er hij ‘alles’ aan boord heeft om hem zowel mannelijk als vrouwelijk te laten zijn. Even plat gezegd: de slak is van alle gemakken en geneugten voorzien en heeft zo amper meer een soortgenoot nodig om zich voort te planten en het leven aangenaam te maken! Toch wordt er wel vaak gekozen om na een gezellig diner in een smakelijke hosta de avond samen te besluiten want een kind van een ander is toch interessanter dan een maagdelijke bevruchting…

 

Het resultaat van al deze gezelligheid zijn piepkleine babyslakjes, niet meer dan een paar millimeter groot, echter wel mét een huisje op hun rug. Dit piepkleine huisje bouwt hij zelf millimeter voor millimeter uit tijdens zijn leven. Bekijk je een slakkenhuisje vanaf de zijkant, dan zie je dus zijn hele levensgeschiedenis. Een huisje met deukjes, krassen en liefdevol herstelde barstjes, een levensreis beschreven in een slakkenhuis… Ik ga nog even de tuin in slakken rapen of… ach laat ze maar…

< Ga terug


Martine Dubois © 2021  BTW NL001975408B46 // Design en ontwikkeling CreatieveVrienden.nl