Corona-sportschool

“Hé, een mail van de sportschool, wat zouden zij te melden hebben?”. Terwijl ik de mail lees lig ik onder de tafel van het lachen. Ze gaan de sportschool naar buiten verplaatsen, waarbij je een vak van twee vierkante meter kunt reserveren met krachttrainingsspulletjes. Nu ik dit schrijf lig ik weer dubbel! (sorry Ad en Hannie). Tja, je moet inventief zijn in de corona-tijd. Half maart ging mijn ‘corona-sportschool’ al open…

 

Met de kou en wind van maart was het niet de meest aantrekkelijke optie, maar deze boswachter wilde wel graag haar taille blijven zien. Dus toog ze naar de vaart gehuld in een dik wetsuite en gewapend met sub board. Oké, daar gaan we dan! Deze ‘sportschool’ ziet er wel even anders uit dan de vertrouwde sportschool in het dorp. Staalblauw water, omgeven door riet en bomen en begeleid door opgewekte voorjaarsgeluiden van de vogels. Als je over het water glijdt, maak je de natuur van heel dichtbij mee. Je kijkt naar de bomen die in prachtige pasteltinten hun blad en-vaak onopvallende- bloemen uitvouwen. De uitbundige kleine witte bloemetjes van de sleedoorn en iets later de romantische trosjes witte bloemen van de kersen. De eerste, geel bloeiende, optimistische bloemen als hoefblad en de paardenbloem en de vogels die het uitzingen en alle toonaarden. Wat een feest aan kleur en happiness… het is een als een droom, als een sprookjesland. Wat minder sprookjesachtig is, is de watertemperatuur.

 

Want ondanks de 5 mm neopreen is het toch echt wel slikken om het water in te springen voor de benodigde conditietraining. Ik bungel eerst met mijn benen halfslachtig in het water, het is niet alleen de kou die me tegenhoudt, zo’n wetsuite is ideaal, zonder al dat neopreen zou ik nooit kunnen zwemmen nu. Maar, door het dikke pak drijf ik als een soort dobber op het water! Zwemmen is daardoor niet meer dan een zielig heen en weer maaien van armen en benen omdat ik niet diep genoeg in het water lig! Ik zie een paar eenden meewarig naar me kijken en ik geef ze gelijk. Ik kijk bewonderend toe hoe zij, ondanks hun beschermde pak met veren én goed kunnen drijven én ook fatsoenlijk kunnen zwemmen. Hoe doen ze dat?

 

We weten allemaal wel dat eenden hun veren insmeren met vet en dat eenden holle botten hebben, maar er is meer. Want eenden hebben, naast hun longen, ook luchtzakjes. Deze extra zakjes lucht zijn ideaal bij het zwemmen onder water, maar helpen dus ook mee om een groter drijvend vermogen te creëren. Hun krachtige poten met zwemvliezen zijn hun ‘geheime wapen’ om deze donzige roeiboot te verplaatsen. Bij het naar achter bewegen van de poot spreiden ze hun tenen -en daarmee de zwemvliezen- en zetten ze zich dus tegen het water af! Ha, zo doen zij dat dus…

 

Ondanks de kou gister stond ik weer op mijn plank en genoot ik van de schitterende natuur. Op het spiegelgladde blauwe water oefende ik van harte lust het Erbarme dich van Bach, intens genietend van alles om me heen… tot het moment dat ik van de plank af moest springen. Inderdaad: Erbarme dich…

< Ga terug


Martine Dubois © 2020  BTW NL001975408B46 // Design en ontwikkeling CreatieveVrienden.nl